Notariaat Magazine: Vrijgesproken Notaris Bert Broekkamp: "Deze smet gaat nooit meer weg"

Wat gebeurt er met je als je onterecht wordt opgepakt, gevangengezet en veroordeeld? Notaris Bert Broekkamp begeleidde reguliere ABC-transacties voor een vaste klant, een hypotheekadviseur die ook handelde in huizen. Volgens het Openbaar Ministerie (OM) was hij het brein achter een criminele bende die zich verrijkte door vastgoedfraude, witwassen en valsheid in geschrift. De rechtbank veroordeelde hem tot een jaar cel, maar het Hof Arnhem-Leeuwarden verwees dat vonnis vorige maand naar de prullenbak.

Op zijn vijfenveertigste werd Bert Broekkamp bekeurd voor het overschrijden van de maximumsnelheid
met 15 kilometer per uur. Zijn vrouw en kinderen hadden hem keihard in zijn gezicht uitgelachen. Híj? Notaris Lambertus Maria (Bertje) Broekkamp? Het saaiste mannetje van het dorp? Hilarisch.
Opgerold op de kale brits van zijn politiecel dacht hij eraan terug. De dagen ervóór pasten niet in zijn leven. Maandag 31 oktober 2011 was ‘klapdag’ geweest (dat het zo heette, hoorde hij pas veel later van zijn advocaat). Elf agenten en een hulpofficier van Justitie stonden om zes uur ’s ochtends naast zijn bed. De Alkmaarse ringvoorzitter Hans Erkamp wachtte beneden in de hal. Ze namen hem mee naar zijn kantoor. Daar was nog meer politie, compleet met kogelvrije vesten en bewapend met stenguns. Waarom? Broekkamp had geen idee. De ringvoorzitter had als taak de doorzoeking van zijn kantoor in goede banen te leiden. De mannen met stenguns stonden er om 8.15 uur nog, hoorde hij later van zijn kandidaat-notaris. Een advocaat hadden ze ook voor hem geregeld. ‘Een beste man, ik had er niets aan. Heeft drie weken meegehobbeld, à raison van 24.000 euro. Een speciaal tarief, hij zocht me ook in de weekenden op.’
 
Koud
Van kantoor ging het achter in een politieauto naar bureau Lelystad. Zijn riem, schoenen en portemonnee moest hij afgeven. Dagenlang werd hij door mensen van de Fiscale Inlichtingen-en Opsporingsdienst (FIOD) verhoord. Tussen de verhoren door brachten ze hem terug naar zijn cel. Het was er koud, hij vroeg om een deken en ’s avonds om tien uur ging het tl-licht uit. ’s Ochtends mocht hij precies zeven minuten douchen. ‘Met een dame erbij. Ik kreeg scheermesjes van de overheid: vreselijk bot, ik sneed mezelf.’ Na drie dagen hadden ze hem moeten voorgeleiden aan de rechter-commissaris, maar dat gebeurde niet, de inverzekeringstelling werd met drie dagen verlengd. Onrechtmatig, bleek later. Behalve zijn advocaat kreeg hij niemand te spreken, lezen mocht ook niet. Hij zat, zoals dat heet, ‘in alle beperkingen’.
 
Antispeculatiebeding
Pas op dag drie begreep hij waar hij van werd verdacht. Het draaide allemaal om B, een hypotheekadviseur die hij al jaren niet meer had gezien. Tussen 2003 en 2006 had hij goede zaken gedaan met BK Financiële Diensten, het adviesbureau waarvan B mede-eigenaar was. Het geld klotste in die tijd tegen de plinten en door de lage rente was de vraag naar hypotheekoversluitingen enorm. ‘Dat was op dat moment zijn business, en van mij ook, zoals van veel notarissen. Ik was er goed in en snel.’ En hij was ook goedkoper dan de meeste collega’s. BK Financiële Diensten was gevestigd in Amsterdam-Zuidoost en de klanten kwamen ook uit die buurt. ‘Ik zei: “Je kan niet verwachten dat ze allemaal naar Alkmaar komen, ik kom wel naar jullie toe.” Als notaris mocht ik ook gewoon buiten mijn standplaats passeren.’ Dan zat hij met zijn medewerkster in een apart kamertje bij B op kantoor, waar verder alleen maar Hindoestaans-Surinaamse mannen werkten. ‘Ik was de enige blanke kip die daar rondliep.’
Naast zijn advieswerk dreef B ook een huizenhandeltje en toen woningbouwverenigingen hun slecht onderhouden woningen gingen verkopen, was B er als de kippen bij. De eerste woning van woningbouwvereniging Stadgenoot deed hij een halfjaar later met een winst van 18.000 euro van de hand. ‘Maar toen daar weer een woning vrijkwam, zeiden ze: “Hallo, het is niet de bedoeling dat je gaat handelen.” Opmerkelijk, want de woningbouwvereniging had geen anti-speculatiebeding ingebouwd. Toen is B met tussenpersonen gaan werken. En daarvan zei justitie: dat zijn stromannen!’
 
Onherroepelijke volmacht
Dat zal zo geweest zijn, maar Broekkamp wist van niks. Voor hem verscheen gewoon de eigenaar van een woning die door de projectnotaris van de woningbouwvereniging was overgedragen. ‘B zei dan: “Ik heb het even voorgeschoten en ga kijken of ik voor deze mensen een hypotheek kan regelen. Lukt dat niet, dan verkopen we het pand door.” Dat was voor mij heel logisch: hij was immers hypotheekadviseur!’ Om het risico voor B te beperken, tekenden de kopers, naast een hypotheekakte of schuldbekentenis, ook een onherroepelijke volmacht zodat de woning inderdaad kon worden doorverkocht. Zó raar was dat niet: banken deden het ook. Alles bij elkaar gebeurde het acht keer. In 2006 droogde de samenwerking op, er waren inmiddels notarissen die nóg goedkoper dan Broekkamp wilden werken.
 
Verdacht
Voor justitie zag het er uiterst verdacht uit: een notaris uit Alkmaar die in Amsterdam-Zuidoost panden overdroeg op een kantoor met alleen maar donkere mannen. ‘Tijdens de verhoren lieten ze me een organogram zien van de criminele organisatie: allemaal poppetjes met namen eronder van advocaten, Hell’s Angels, makelaars, hypotheekadviseurs. En helemaal bovenaan stond ik.’ B bleek zijn pandjes bij vier verschillende woningbouwverenigingen te hebben gekocht en had, naast Broekkamp, met nog negentien andere notarissen zaken gedaan. Dat ontdekte hij later, toen hij het nazocht in het Kadaster. Maar alleen hij en een notaris uit Almere werden vervolgd.
 
Schimmige zaakjes
De Peseta-zaak begon te lopen in 2010, toen ene D zich bij de politie in Lelystad meldde met belastende informatie over B, zijn vroegere werkgever. In die tijd was de theorie over de ‘verwevenheid tussen onder- en bovenwereld’ bij justitie in opkomst. Criminelen zouden bij het witwassen van hun met misdaad vergaarde vermogen hulp krijgen van ‘foute’ notarissen en advocaten. D’s ontboezemingen over de schimmige zaakjes van zijn vroegere baas pasten naadloos in dat plaatje.
Verbalisant Z hing dan ook aan D’s lippen. Een eerder onderzoek naar vastgoedfraude door een grote criminele bende (codenaam:Kina) was op niks uitgelopen, maar met deze getuige leek het of hij een herkansing kreeg. Hij wilde D best een beetje helpen door hem een paar namen van notarissen in de mond te leggen. ‘Even kijken, u noemde ook een Broekkamp uit Alkmaar’, zegt Z volgens het verhoorverslag van 13 juli 2010. Maar D had de naam Broekkamp (noch die van de notaris uit Almere) helemaal niet genoemd.
 
 
Bijenkorf
Na zes dagen op het politiebureau werd Broekkamp overgebracht naar het Huis van Bewaring. Bij zijn aankomst in Zwolle moest hij naakt door de knieën met vijf bewakers eromheen. Controle. Hij zat nog steeds in beperkingen, al regelde de advocaat dat hij tenminste mocht lezen. En het regime was toch prettiger. ‘Om zeven uur ’s ochtends kloppen ze aan. “Goeiemorgen Bert! Goed geslapen? Wat ga je doen vandaag?” Dan zei ik: “Nou André, ik denk dat ik even naar de Bijenkorf ga.” Dan zei André: “Doe maar niet Bert, het zijn de Drie Dolle Dwaze Dagen. Je kan beter hier blijven.”’ Na drie weken mocht hij naar huis. ‘Als die deur opengaat… Dan ben je net een vogeltje.’
 
Anders
Bert Broekkamp was de eerste notaris die in 2000 onder de nieuwe Notariswet werd benoemd. Hij had een moeilijke start: zijn plan om een nieuwe standplaats in Alkmaar te beginnen, stuitte op weerstand. ‘Er was verzet vanuit de notarissen in Alkmaar. De Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie (KNB) bemoeide zich ermee: Wat moest ik in Alkmaar? Waarom ging ik niet de “lege vlekken” opvullen in Almere of Lelystad? Maar daar wilde ik juist weg.’
In Alkmaar wisten ze niet wat ze overkwam. ‘Ik deed alles anders: een modern pand, moderne inrichting. En ik verzamelde al heel lang modelautootjes, in een vitrinekast. Dat stond zelfs in mijn ondernemingsplan. Mensen kwamen binnen en zeiden: “Notaris, wat leuk, u verzamelt autootjes!” Het was een goeie ijsbreker.’ Dat eerste jaar mocht hij 10 procent goedkoper werken, het tweede jaar 20. Binnen een paar jaar had hij een groot kantoor, met twaalf, dertien medewerkers. Hij kon een mooie villa laten bouwen. ‘De oude garde vond het allemaal niks. En dan zien ze je later in het gevang terechtkomen en zeggen ze: zie zo.’
 
Vechtlust
Zijn arrestatie had de voorpagina van De Telegraaf gehaald en toen hij thuiskwam, wilde iedereen weten hoe het zat. ‘Ik bleef maar zeggen: ik heb er niks mee te maken! Je zal het zien, de rechter zal me vrijspreken. Dus ik kreeg het voordeel van de twijfel. Maar toen ik werd veroordeeld zeiden ze: “Zie je wel! We geloofden je, maar nu heb je ons ook nog belazerd! Want je hebt het wél gedaan.”’
Op 16 februari 2015 achtte de Rechtbank Utrecht wettig en overtuigend bewezen dat Broekkamp zich had schuldig gemaakt aan witwassen, valsheid in geschrift en deelname aan een criminele organisatie. Hij kreeg een celstraf van een jaar. De grond zakte onder zijn voeten weg.
Het onmiddellijke gevolg was dat hij werdgeschorst, ook al was het vonnis niet onherroepelijk– dat staat in de wet. Op advies van de KNB werd Hans Erkamp, de inmiddels voormaligeringvoorzitter, aangesteld als waarnemer, ook al had Broekkamp de voorzitter van de kamer van het notariaat gevraagd om zijn eigen kandidaat-notaris te benoemen. 
Tijdens het gesprek met Erkamp over het waarnemerschap was hij dermate aangeslagen dat hij overwoog om maar helemaal te stoppen. Dat gevoel duurde een paar dagen. Zijn accountant had hem op het gesprek voorbereid. In dit soort situaties zullen ze over de sleutels van je kantoor en over je kantoorrekening willen beschikken, had hij gezegd. Maar het is niet verplicht. Inderdaad vroeg Erkamp daarom, maar Broekkamp weigerde. Hij belde ook met advocaat Gerd van Atten, die hem vertelde dat hij een goede kans maakte om zijn kandidaat-notaris toch te laten waarnemen, wat uiteindelijk ook lukte. ‘Toen kreeg ik mijn vechtlust terug.’
 
Exotische situatie
In hoger beroep voor het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden voerde hij hetzelfde verweer als eerder bij de rechtbank: dat van witwassen en van valsheid in geschrift geen sprake was, omdat hij de werkelijkheid zoals die zich aan hem voordeed te goeder trouw in zijn akten had beschreven. Hij kón ook niet anders – dat waren nu eenmaal de feiten. Wel nam hij een deemoediger houding aan dan bij de rechtbank.
‘Het was belangrijk om het gevoel dat onder de boosheid lag, de onmacht en het verdriet naar buiten te brengen’, zegt Geert Jan van Oosten, zijn advocaat in hoger beroep en zelf getrouwd met een notaris. ‘Het wás natuurlijk ook een wat exotische situatie: pandjes die worden gekocht en doorverkocht bij duistere mannen, wietplantages op de achtergrond, het speelt in de perceptie allemaal mee. Maar een boze man die gaat schoppen tegen het OM, daar kijkt niemand graag naar. En rechters al helemaal niet.’
Van de bewijsvoering van het OM bleef bij het hof niets over. De akten van Broekkamp ‘bevatten niets anders dan de vastlegging van de feitelijke situatie en de juridische werkelijkheid’, schreef het hof in zijn arrest van 13 maart. Hij werd op alle punten vrijgesproken. Het OM had spoken gezien. Anders dan bij de uitspraak in eerste aanleg was de rechtszaal vrijwel leeg.
 
Kapot
De Almeerse notaris die was aangeklaagd, was al door de rechtbank vrijgesproken. Maar hij was er zakelijk en psychisch wel aan onderdoor gegaan. Broekkamp niet. Het steekt  hem wel dat hij van ‘zijn’ beroepsorganisatie, de KNB, nooit wat heeft gehoord. ‘Ze zijn nóóit voor me opgekomen. Toen ik was opgepakt, mocht meneer Van Mourik op televisie roepen dat ik een ‘rotte appel’ was, die er zo snel mogelijk uit moest. Ze hebben geprobeerd me er via het tuchtrecht uit te krijgen, maar ook dat is niet gelukt – alles was piekfijn in orde.’
Van Oosten ziet de zaak als de ‘notariële Puttense moordzaak’, met dien verstande dat er hier, althans door Broekkamp, niet eens een misdrijf is gepléégd. ‘Je mag hopen dat het een wake up call is voor de KNB. Dat men zich realiseert dat niet iedereen die een justitieluchtje over zich heen krijgt gespoten, meteen niet deugt en dat je niet blindelings kan vertrouwen op het woord van politie of justitie.De onafhankelijke rechter is er niet voor niets. Want het enkele feit dat je als notaris verdacht bent, kan al je ondergang betekenen. Daar heb je geen veroordeling voor nodig. Je maakt iemand hoe dan ook kapot.’

Verlies
Tegen verbalisant Z is een integriteitsonderzoek gestart. Voor Broekkamp is het een schrale troost. Zijn mooie villa in de duinen heeft hij met verlies moeten verkopen. Hij is nu 60 en zou eigenlijk nog even door moeten werken. Maar het gaat niet meer, zegt hij. Een notaris moet smetteloos zijn, maar deze smet gaat nooit meer weg. ‘De energie is ook weg. Ik heb mezelf overeind gehouden omdat ik zélf wilde bepalen wanneer ik het notariaat uitga. Ik kwam er met veel kabaal in en ga er met veel kabaal weer uit. Maar wel met opgeheven hoofd.’

Lees hier het artikel van Tatiana Scheltema in Notariaat Magazin nr 4, mei 2017

 




< terug naar overzicht